De vorderingen worden na elke cursus, dat is telkens na 3 maanden, getoetst en gerapporteerd in een rapport aan de moederscholen.
De toetsen worden door de leerkracht afgenomen in een aparte toetsruimte terwijl een andere leerkracht in de klas werkt.
Het gaat hier om de Prismatoets, die toetst in hoeverre het kind de passieve en actieve woordenschat heeft geleerd.
De Taaltoets voor Alle Kinderen, de zogeheten TAK toets.
De CITO toetsen begrijpend lezen, rekenen, spellingsvaardigheid, AVI en de 3 minutentoets.
In de meeste gevallen heeft het kind op de moederschool nog geruime tijd extra begeleiding nodig van een remedial teacher en/of intern begeleider.
De taalachterstand kan in een jaar tijd op De Waaier niet ingelopen zijn en zal in de komende jaren op de moederschool goed begeleid moeten worden.
De leerkracht bespreekt na een half jaar en aan het eind van het jaar het rapport van het kind met de ouders en adviseert over het vervolgonderwijs.
Tussentijdse contacten zijn altijd op afspraak mogelijk.
Soms vraagt De Waaier advies aan deskundigen als het gaat om logopedie, dyslexie, adhd, ontwikkelingsachterstand, gedragsstoornis of observatie door de Onderwijs Begeleidings Dienst.
De school zal dan contact opnemen met de ouders en alleen in overleg met de ouders actie ondernemen.
